GRAFZERK VAN SYBRAND VAN OSINGA

Rijk gebeeldhouwd met mans- en vrouwefiguur.
Gemerkt 1621 / Pieter Claes Antick

Randopschrift:

Ao 1623 den 7en November sterf den / edelen eerentphesten Ior Sibrandt van Osinga in leven grietman ende dickgraef over Wonseradeel ende gedepeterde staet va Frislant ovt 60 iaer / Ao 1619 de 16en Maii sterf d'edele / eerbare en dvegdentricke ivffrov Atke va Aggama ovt 46 iare /

--> Afgehakte alliantie-wapens Osinga en Aggema onder gekr. helm met helmteken 3 veeren.

In de hoekmedaillons alliantie-wapens onder gekr. helmen:

Links:
resp. (Seerp) Osinga en (Jel) Heerema, helmteken 3 veeren; en
(Frans) Aebinga van Humalda en (Anna) Feytsma, helmteken 3 veeren
Rechts:
resp. (Pieter) Aggema en (Ynts) Eminga, helmteken 3 veeren en
(Ulcke) Douma van Oenema en (Auck) Harinxma, helmteken adelaarshals

Onder de portret-figuren het volgende opschrift:

So gy benyt de corte tyt /
die ick heb geleeft /
fliet iolijt sonder respit /
u tot Godt begeeft /

--> Alliantie-wapens van Seerp van Osinga en Jel van Herema (zijn grootouders)

--> Symbool van de dood: Vadertje Tijd (met op de zeis: aensiet den tijt)


Hieronder een beschrijving van zerk, gemaakt speciaal voor het 'monument van de maand', waarin de dorpen Schettens, Schraard, Longerhouw en Wons de hoofdrol speelden.
In het Fries Museum is een tekening van deze zerk, gemaakt door A. Martin, uit 1870.


DE MAKER

In het middenpad van de kerk, de tweede steen vanaf het koor, ligt een grote zerk, bovenaan gedateerd 1621, onder de linker voet van de man, gesigneerd Pieter Claes Antiek. Mogelijk is Pieter Claes Antiek indentiek aan Pieter Claes, de steenhouwer van de zerk van Jancke van Osinga.

LANGS DE RANDEN

Zoals blijkt uit het randschrift in Romeinse kapitalen, was de zerk bestemd voor joncker Sybren van Osinga (V7-11-1623), grietman en dijkgraaf van Wonseradeel en Gedeputeerde van Friesland en zijn vrouw Ath Sybrensdr. van Aggema (V16-5-1619). In de hoeken zijn medaillons aangebracht met familiewapens die nu zijn weggehakt. Tijdens de omwenteling van 1795 als gevolg van de Franse Revolutie, werden alle resten en sporen van de feodale maatschappij verwijderd, zoals familiewapens en adellijke titels.

IN HET MIDDEN

In het middenveld is een boognis opgetrokken op een sokkel. Op de sokkel, tussen de met rolwerk versierde pieddestallen van de zuilen, staat een rolwerk cartouche, met een Nederlandse tekst in cursief. Links van de cartouche staat de gevleugelde Vader Tijd, met een zeis in de hand en een zandloper op het hoofd. Op de zeis staat geschreven: aensiet den tijt. Aan de rechterkant van de cartouche laat een vrouw water weg stromen, terwijl ze leunt op een schedel en een zandloper.
De boognis is aan de voorkant opgebouwd uit een zuil met cannelures en een versierde schachtvoet. Deze staat tegen een pilaster met arabesken. In de nis staat een echtpaar. De man draagt een lang rijk versierd jak met een geplisseerde kraag en een pofbroek met strikken. Zijn schoenen hebben een versierde gesp. In de rechter hand draagt hij handschoenen, met de linker steunt hij een slagzwaard.
De vrouw draagt een lang van voren openvallend gewaad met een geplisseerde kraag. Het onderkleed van kostbare stof is zichtbaar. Op het hoofd heeft ze een muts met opstaande rand en om de hals draagt ze veel kettingen. Ze heeft de handen op borsthoogte gevouwen.
In de boog zijn, tegen een doek, de familiewapens aangebracht, nu leeggehakt, die met linten aan een helm met pluimen hangen. Naast de wapens vliegen overwinningsgodjes, links een jongetje en rechts een meisje, die kransen ophouden achter de hoofden van het echtpaar.