In deze nieuwe serie worden de Friese kapiteins behandeld, die in de 16e en 17e eeuw in het 'Friesche Nassause Regiment' dienden. Het is een lange rij van vooral adellijke officiers, van wie soms veel bekend is, maar soms ook praktisch niets. 

 


Friese kapiteins (3) : Bonefacius van Scheltema

Zijn voornaam Bonefacius doet nogal katholiek aan, maar deze rasechte Friese kapitein zal 100% protestant zijn geweest. Hij vocht dan ook zijn leven lang tegen de Spanjaarden gedurende de 80-jarige oorlog. Hij werd geboren omstreeks 1580 als zoon van Syds van Scheltema en Tjemck van Aylva. Zijn wieg stond waarschijnlijk in Bornwird waar zijn ouders toen op Minnoltsma State woonden. Dit kasteel was afkomstig uit zijn moeder haar familie en de schitterende grafzerk van zijn grootouders Frans van Aylva en Rixt van Unia is nog in de kerk van Bornwird te bewonderen.

Ook Bonefacius zal zijn militaire carriere zijn begonnen als vaandrig in n van de Friese compagnies. We weten dat hij op 3 januari 1618 als luitenant werd benoemd in de compagnie van een Hania; dit zal ongetwijfeld Wigle van Hania zijn geweest. De kans is dan groot dat hij dan ook vaandrig onder zijn zwager Wigle was, immers deze kapitein was omstreeks 1600 gehuwd met zijn oudere zus Aaltje van Scheltema.
In 1620 liep hij als luitenant mee in de lijkstatie van de Friese stadhouder Willem Lodewijk van Nassau (s Heit), die de Friese regimenten aanvoerde.

Als luitenant trad hij op 29 januari 1626 te Leeuwarden in het huwelijk met Frouck van Goslinga, dochter van Feye Sipts van Goslinga en Tjets Uninga van Hoytema.
Het ongetwijfeld grote feest werd gehouden in het Feytsmahuis in de kerckstraat, aldus het zogenaamde 'dootboeck' van edelman Ernst Harinxma van Donia.

Op 5 april 1628 volgde voor Bonefacius zijn hoogtepunt toen hij werd aangesteld als kapitein van een eigen compagnie in het Friesche Nassause Regiment.
Hij volgde toen zijn zwager Wigle van Hania op die toen zijn einde zal hebben voelen naderen, omdat hij in mei 1627 zijn testament opmaakte. Twee jaar na zijn 'resignatie' overleed Wigle en werd hij begraven in de kerk te Weidum. Zijn grafsteen is echter nog steeds in volle glorie te bezichtigen.

In het Koninklijk archief van stadhouder Ernst Casimir bevindt zich een brief van 'de militair Scheltema betreffende de huisvesting van zijn compagnie', vermoedelijk omstreeks 1630.

In 1631 kochten hij en zijn vrouw Doniahuize te Dantumawoude van zijn collega hopman Taecke Lieuwes.
Hun huwelijk bleef kinderloos.

In januari 1633 was de grote lijkstatie van stadhouder Ernst Casimir te Leeuwarden waarin alle Friese kapiteins acte de presance gaven.
Dus liep ook Bonefacius van Scheltema mee in deze rouwstoet.

Niet veel later, op 28 augustus van hetzelfde jaar, kwam er een einde aan het leven van deze hopman. Bonifacius overleed volgens een brief van Meinardus van Aitzema in het fort Crevecouer bij Den Bosch. Die stad was in 1629 door het Staatse leger succes omsingeld en vervolgens veroverd op de Spaansen. Het fort had hierbij een belangrijke functie vervuld en zal vervolgens bemand zijn geweest door n of meerdere compagnies.


--> Fort Creveoeur, 1673.

Zijn weduwe, de eerder genoemde Frouck van Goslinga hertrouwde in 1635 Marcus van Aitzema, burgemeester van Dokkum. Zijn vader had dit huwelijk al een poosje in gedachten en eerder al getracht haar aan zijn andere zoon Schelte te koppelen.

Familiewapen

--> Familiewapen Scheltema (Stamboek van den Frieschen Adel).

Familieleden in het leger

Compagnie nr. 17
* Bonefacius van Scheltema (ong. 1580-1633)

* Kapitein van 1628-1633

* Voorganger: Wigle van Hania
* Opvolger: onbekend
* Hoogste functie: kapitein
* Woonplaats: Dantumawoude

 

Meer informatie:
www.andrebuwalda.nl

http://images.tresoar.nl/wumkes/periodieken/dvf/dvf-0402-1924-27.pdf
http://www.mpaginae.nl/EHVD/kerkkalender.htm
http://www.regionaalnet.nl/getinfo.php?id=1602



Samen met Jeroen Punt (NMM) proberen we de lijsten van Friese compagnies zoveel mogelijk te reconstrueren.

Tot nu verschenen in deze serie:

  1. Jacob van Roussel

  2. Adriaen Slijp

  3. Bonefacius van Scheltema

  4. Ludolf Potter