In deze nieuwe serie worden de Friese kapiteins behandeld, die in de 16e en 17e eeuw in het 'Friesche Nassause Regiment' dienden. Het is een lange rij van vooral adellijke officiers, van wie soms veel bekend is, maar soms ook praktisch niets. 

 


Friese kapiteins (5) : Frans van Roussel

Anders dan zijn achternaam doet vermoeden is Frans van Roussel geboren en getogen in Friesland. Frans en zijn broer, Jacob van Roussel, stammen af van een Henegouws geslacht, wat de on-Fries klinkende familienaam verklaart.
In 1524 voegt de Habsburgse vorst Karel V Friesland toe aan zijn grote wereldrijk en komen gekwalificeerde ambtenaren het nieuwe bestuursapparaat versterken. Onder die ambtenaren is ook Jacob Jacobs de Roussel (1508- ca. 1577), afkomstig uit de stad Bergen in Henegouwen. In 1538 wordt hij aangesteld als raadsheer van het Hof van Friesland. Jacob trouwt – na twee eerdere huwelijken – met de Friese Sjoukje van Stania. Uit Jacobs eerste huwelijk zijn drie kinderen voortgekomen: Frans, Jacob en Anna. Zijn derde echtgenote schenkt hem nog een zoon: Hayo Jacobs de Roussel (1564-1614). Deze laatste zoon wordt ook raadsheer aan het Hof van Friesland en is tevens de vader van Jacob, Frans en Tjaard van Roussel, de drie kapiteins uit het Friese regiment die in deze blog aan de orde komen.

--> Grootvader Jacob Jacobs de Roussel, ca. 1564 Harinxmastate

Hayo’s zoon Frans moet rond 1595 zijn geboren. Hij is vernoemd naar zijn oom, de halfbroer van zijn vader, die in 1568 sneuvelt in de slag bij Heiligerlee. Op 22 juli 1625 wordt hij benoemd tot kapitein binnen het Friese regiment. Begin november 1628 maakt hij een bijzondere carrière-switch: hij treedt tijdelijk in militaire dienst van de Deense koning. Deze strijdt met zijn leger net over de grens in Oost-Friesland tegen de katholieke troepen van de Duitse keizer. Hij krijgt acht maanden verlof van de Staten van Friesland en mag zich vanaf dat moment kolonel noemen. Frans is overigens niet de enige Staatse officier die tijdelijk dienst neemt in het leger van de protestantse bondgenoot in Oost-Friesland. Ook de Groningse vaandrig Hendrik Hubbeldinge kiest voor een snelle carrière en gaat in Deense dienst aan de slag als kapitein.

Frans ontvangt uit het arsenaal van Emden vuurwapens en proviand, verovert vervolgens de Dijlerschans, trekt langs de Eems noordwaarts en bezet het kasteel van Petkum. Hij tracht met zijn veroveringen het Oost-Friese Reiderland onder controle te krijgen. Het succes is echter van korte duur. Roussels troepen worden al in december 1628 verdreven en sommigen zelfs gevangen genomen. De gevangengenomen soldaten leiden nog tot commotie in Den Haag. Tegen de afspraak in heeft Frans Staatse soldaten uit Emden aan zijn nieuwe legermacht toegevoegd. De werving van zijn leger moest echter volledig in Oost-Friesland plaatsvinden. Als de vijandelijke commandant Gallas erachter komt dat sommige van de gevangen genomen soldaten uit het Staatse leger afkomstig zijn, doet hij zijn beklag in Den Haag. Soldaten en officieren uit het Staatse leger mogen niet twee heren tegelijkertijd dienen. Het verlof van Frans wordt ingetrokken en zijn overstap definitief gemaakt. Op 18 maart dragen de Staten van Friesland zijn compagnie over aan Baerd van Idzarda. In diezelfde periode bespreekt men of de troepenmacht van Frans niet beter ingezet kan worden in Glückstadt aan de Elbe. Of Frans en zijn leger ook daadwerkelijk afreizen naar het oorlogsgebied ten noorden van Hamburg is niet geheel duidelijk. Het lijkt er wel op dat hij in de periode van maart 1629 tot oktober 1630 in Deense dienst blijft en actief de keizerlijke troepen bestrijdt. In oktober 1630 duikt Frans op in de buurt van Duisburg en wordt hij vermeld als kolonel Roussel, die tijdens het veroveren van de schans Roerort met een musket door het hoofd is geschoten. Dit komt overeen met zijn overlijdensdatum en plaats op de grafzerk van de familie Van Roussel in de Jacobijnerkerk in Leeuwarden. Frans is dus ongehuwd overleden.

--> Roussel grafzerk in de Grote Kerk te Leeuwarden, met hierop de tekst 'Int iaer 1630 is de ... fransoos de Roussel ... roeroor ... te oe...'

Frans van Roussel wordt in de literatuur regelmatig verward met zijn broer Jacob van Roussel. Deze laatstgenoemde is vanaf 15 juli 1631 kolonel binnen het Friese regiment. In sommige gevallen worden zelfs Frans’ daden in Oost-Friesland toegeschreven aan zijn broer Jacob. Die laatste is dan nog sergeant-majoor en verblijft gedurende de periode juli 1628 – februari 1629 in de in aanbouw zijnde Langakkerschans (Nieuweschans). Wel voorziet Frans zijn broer Jacob van informatie met betrekking tot troepensterkte en verplaatsingen van de vijand in Oost-Friesland. Jacob stuurt deze nuttige informatie op zijn beurt door aan zijn bevelhebber Ernst Casimir van Nassau.

--> Frans van Roussel probeert in Deense dienst het Oost-Friese Reiderland onder controle te krijgen.

Familieleden in het leger

 

 

Compagnie nr. 5
* Frans van Roussel (*ong. 1595-1630)

* Kapitein van 1625-1629

* Voorganger: Sybe van Aylva
* Opvolger: Baerte van Idzarda
* Hoogste functie: kapitein
* Woonplaats:  ?

 

Meer informatie:
www.andrebuwalda.nl

http://www.mpaginae.nl/Nauta/kapiteins.htm

 



Samen met Jeroen Punt (NMM) proberen we de lijsten van Friese compagnies zoveel mogelijk te reconstrueren.
Tot nu verschenen in deze serie:

 

  1. Jacob van Roussel

  2. Adriaen Slijp

  3. Bonefacius van Scheltema

  4. Ludolf Potter

  5. Frans van Roussel