In deze nieuwe serie worden de Friese kapiteins behandeld, die in de 16e en 17e eeuw in het 'Friesche Nassause Regiment' dienden. Het is een lange rij van vooral adellijke officiers, van wie soms veel bekend is, maar soms ook praktisch niets. 

 


Friese kapiteins (4) : Ludolf Potter

Achtergrond
De familie Potter heeft een speciale band met de Friese stad Sloten, maar of Ludolf daar in 1575 is geboren, is niet zeker. In ieder geval woonden zijn ouders Gerrit Siemens Potter en Geertje Ludolfs daar in 1586. Ludolf is dus vernoemd naar zijn grootvader van moederskant. Zijn vader was proviandmeester en ammunitiemeester; beide waren functies in het leger en werden ook wel tegelijk vervuld.

Militaire carrière
Ludolf groeit dus op in een militaire omgeving en zal de gebruikelijke officiersfuncties hebben bekleed zoals vaandrig en luitenant.
Op 3 januari 1618 volgt hij kapitein Michiel Hagen(s) op en was vanaf die dag dus kapitein van een eigen compagnie. Een kapitein moest in die tijd kapitaalkrachtig zijn, aangezien hij vaak de soldij van de soldaten moest voorschieten voordat hij het weer van de Friese Staten kreeg. Ludolf zal dus ook over voldoende financiële reserves hebben beschikt.

In 1629 is hij tijdelijk commandeur van de Langackerschans, wanneer Schelte van Aysma met manschappen naar Kampen gaat om die stad tegen de Spaanse inval te verdedigen. Deze 'band' met Schelte, zullen we later nog vaker tegenkomen.
Het jaar erop, in 1630, zit hij met zijn compagnie in de Duitse stad Emden, die dan als het ware een Nederlandse stad was geworden en lang onder Nederlandse protectie heeft gestaan. Er waren dus continu compagnies gehuisvest die onder leiding stonden van een Nederlandse commandeur.

In 1631 volgde een promotie tot majoor in het Friese Nassause Regiment Infanterie. Deze functie was er niet altijd, aangezien de vorige majoor Jan Sageman in 1625 was overleden.
In deze functie (sergeant-majoor) liep hij begin 1633 mee in de bekende lijkstatie van stadhouder Ernst Casimir, die eind 1632 om het leven kwam bij het beleg van Roermond.

In 1636 zat hij (nog steeds of opnieuw) in de stad Emden, waar hij dat jaar zijn testament opmaakte. Dit laatste was voor een militair geen overbodige luxe, gezien de gevaren die ze in deze oorlog steeds liepen.

Op 16 januari 1637 volgde opnieuw een promotie, nu als luitenant-kolonel. Op diezelfde dag werd Schelte van Aysma kolonel waardoor we weten dat Ludolf een paar keer één functie achterliep op de officier uit Schettens.

Diezelfde zomer vertrok hij met het Regiment Aysma naar de Brabantse stad Breda, die al vanaf 1625 weer in Spaanse handen was gekomen door een beleg van bevelhebber Spinola.
Onder leiding van de Friese stadhouder Hendrik Casimir van Nassau hadden de Friese compagnieën een eigen plaats gedurende het bijna drie maanden durende beleg.
De Spaansen verzetten hun echter nogal krachtig, waarbij ook veel handgranaten werden gegooid naar het Staatse leger.
In de maand augustus raakte Ludolf tijdens zo'n tegenaktie gewond, aldus zijn grafsteen. Waarschijnlijk is 'onze' Schelte van Aysma bij diezelfde aktie ook gewond geraakt, en daar slechts korte tijd later op 23 augustus ook aan overleden.

Ludolf, die dus telkens één functie onder Schelte vervulde, kreeg nu de ultieme promotie voor een adellijke officier, namelijk die van kolonel.
Hij werd op 16 september 1637 dan ook in die functie benoemd hoewel hij toen nog steeds niet hersteld zal zijn geweest. Van een echte uitoefening als kolonel zal niet veel sprake zijn geweest, aangezien Ludolf in oktober van datzelfde jaar in Haarlem overleed aan de gevolgen van zijn verwondingen.

uit: Kort begryp der Nederlansche historien, waer in 't begin...  [Volume 1, door Johan van Sande]

Grafsteen
Hij zal, net als Schelte van Aysma, per boot zijn overgebracht naar Sloten waar hij werd bijgezet in de kerk. Zijn grafsteen is gelukkig nog steeds te bezichtigen, al is deze wel flink aangetast door de tand des tijds.

De graftekst is als volgt:

...[16]37 in augusto is den ... colonel Ludolph [Po]tter
geschooten in de belegeringe voor Breda. Was olt
62 iaeren gesturven aan de quetsuyren binnen
Haerlem den 26 october
.

Potter wiens deught verstandt, beley...den
Ons landen, groot prouffeyt en Spangie ...
Legt Sloten in dit graf Breda de ..e ...
Waer hy als colonel int winnen ...
In Frieslandt rust syn lyck tot Haerlem...
Syn eer is overall: de siel in 's hemels ...s...

Zijn 'oomzegger' Gerrit Jochums Ammama werd ook kolonel en ligt onder dezelfde steen begraven.

Famliewapen
Tot slot nog wat over de familie Potter.
Bij Voorburg lag voorheen het landgoed De Loo, welke halverwege de 15e eeuw eigendom van Gerrit Potter van der Loo was.
Op een zegel van hem staat het familiewapen:
'doorsneden, A drie burchten naast elkaar, elk getopt met drie vlammen.
B: effen.
Helmteken: een hanenkop met hals.


--> Zegel van Gerrit Potter van der Loo, ca. 1500 (www.cbg.nl)

Het familiewapen op de zerk in Sloten is ook doorsneden en het helmteken lijkt ook een vogel te zijn. Of er drie burchten zijn afgebeeld kan ik op deze foto niet met zekerheid zeggen. Veld B is hier niet effen maar lijkt op golvend water.
Echter op het persoonlijke zegel van Ludolf Potter is het wapen wel overduidelijk te zien!
Het is hiermee duidelijk dat het hier om dezelfde familie gaat van deze oude 'Hollandse' familie Potter.

--> Zegel van Ludolf Potter (bron: Jeroen Punt)


--> Grafzerk Ludolf Potter in de kerk te Sloten


Familieleden in het leger

Compagnie nr. 14
* Ludolf Potter (1575-1637)

* Kapitein van 1618-1630

* Voorganger:  Michiel Hagens
* Opvolger: Doecke van Hemmema
* Hoogste functie: kolonel
* Woonplaats: Sloten?

 

Vaandel
Dit vaandel is in gebruik geweest tussen 1618-1621 van de compagnie van Ludolf Potter.
(tekening: Jeroen Punt).

 

Dit vaandel is in gebruik geweest tussen 1621-1637 van de compagnie van Ludolf Potter.
(tekening: Jeroen Punt).


 

Meer informatie:
www.andrebuwalda.nl

 



Samen met Jeroen Punt (NMM) proberen we de lijsten van Friese compagnies zoveel mogelijk te reconstrueren.

Tot nu verschenen in deze serie:

  1. Jacob van Roussel

  2. Adriaen Slijp

  3. Bonefacius van Scheltema

  4. Ludolf Potter

  5. Frans van Roussel