Landschapswandelingen

http://www.trouw.nl/groen/natuurtochten/article1514.ece

Wons: De Grienedyk en de bloedende hostie
02-08-2005 | Haro Hielkema
Midden in de grazige weiden tussen Wons en Schraard staat Tjeerd Andringa stil en blikt om zich heen. In goed Nederlands heet dit punt 'the middle of nowhere', maar voor de Friese vogelliefhebber en gelegenheidsgids is het zijn favoriet plekje.Ver van de bewoonde wereld vandaan, omgeven door Fries groen en Hollands blauw, zingt de rietgors en vechten de kemphanen. Hier kabbelen It Nau en de Skraarderfeart maar een eind voort, twee waters die elkander nu door een dam lijken te vermijden maar vroeger in elkaar overliepen. De snelweg tussen Bolsward en Afsluitdijk zoeft alleen, maar is niet hoorbaar. Hier is de stilte de baas.

We zijn de Schraarderhemdijk afgelopen - de 'Grienedyk' in de volksmond, omdat die als een groene corridor door het landschap slingert. Gewoon het hek over en rinnen maar, zoals de Friezen zeggen als ze gewoon lopen bedoelen. Aan de horizon pieken de dorpskerkjes verlegen tegen het blauw van de hemel, elk met een eigen karakter: van Wons, Exmorra, Allingawier en van Schraard.

Ze domineren al lang niet meer in het landschap, sinds Wûnseradiel de windmolen aan de borst heeft geklemd en probeert de gemeente met de meeste horizonvervuilers te worden. Bij helder weer heeft Andringa vanaf 'zijn' plekje wel eens 'zestig van die dingen' geteld.

De Groenedijk torent op sommige plaatsen wel een paar meter boven de weilanden uit. Maar af en toe is de hoogte geslecht en de afgegraven grond voor goed geld als tuinaarde naar elders afgevoerd. Ooit moet de dijk zijn aangelegd om het water te keren en de vluchtplaatsen voor vee en mensen met elkaar te verbinden. We komen een paar van die terpen tegen. Eén is mogelijk de locatie geweest, waar recht gesproken werd. Er zijn tenminste knekels gevonden, of wat er op lijkt. In het verre verleden hebben Schieringers en Vetkopers elkaar in deze contreien naar het leven gestaan, maar de botjes die nu voor het oprapen liggen, lijken meer op dierlijke resten.De dijk is vooral een schapendijk. Hier en daar moet een hek genomen worden en rent een angstige kudde wolvee voor z'n leven. Bordjes of prikkeldraad ontbreken, daar doen ze hier niet aan. Als je de hond maar thuis laat en je gedraagt. Want de dijk is van de kerk van Schraard. Het aanleggen in de twaalfde eeuw moet monnikenwerk geweest zijn, de plaatselijke parochie diende de waterkering te onderhouden en de huidige kerkvoogdij weet ook niet beter dan dat de grond haar eigendom is. Veel zal het beetje pacht niet opleveren, maar het is een mooi idee. En het loopt lekker.

Het is een route voor fijnproevers, geen officieel wandelpad. De dorpen Schraard, Wons, Schettens en Longerhouw zijn monument van de maand mei, en daarom neemt Andringa op zijn gebruikelijke kuier door het land dat hem - zomer of winter - zo trekt, een groepje liefhebbers mee. Bij de Schraardervaart houdt de Grienedyk abrupt op: het sluisje dat hier lag is in er bij een zware storm uitgeblazen. Omlopen kan, rechtsom naar de Makkumervaart. Maar linksaf is mooier, ondanks de hekken en het obstakel van het gemaal.De kerktoren van Schraard is ons oriëntatiepunt. Het dorp is op een terp gebouwd. Aan het begin van onze jaartelling hebben de eerste bewoners er een droge hoogte tegen de binnendringende zee gevonden, op de oever van de Marneslenk. Ringdijken (zoals de Grienedyk) vergrootten de veiligheid van de dorpelingen, die niettemin bij elkaar bleven klitten op hun terp. De oude structuur van dichtbebouwde buurtjes en open terreinen bleef gehandhaafd en resulteerde in 1988 zelfs in het predikaat 'beschermnd dorpsgezicht'.

Als je die paar afzichtelijke loodsen, plastic hooikuilen en silo's op de boerenerven rond het dorp even niet meerekent, biedt Schraard vanuit de verte een fraai tafereel. Er is nog één hooischuur tussen het geboomte zichtbaar, die herinnert aan de achttiende eeuw toen Hollandse beurtschepen op het dorp voeren om hooi op te halen. De Schraardervaart moet een druk water geweest zijn, in Schraard was veel vertier en menig beurtschipper bleef aan een Friese deerne hangen.Nu is de vaart een brede sloot, waar de jeugd op spelevaart en die de plaatselijke componist Pieter Bakker inspireerde tot een stuk voor harp, klarinet en cello. De première van 'Langs de Schraardervaart' werd begin mei goed ontvangen in de dorpskathedraal. Dertig mensen waren er bij, aanmerkelijk meer dan er de laatste eeuwen aan bedevaartgangers naar Schraard komen. En dat is merkwaardig. Want dit uit warmgele kloostermoppen opgetrokken kerkje zou een bekend pelgrimsoord moeten zijn, sinds de pastoor en de vicaris omstreeks 1414 een bloedende hostie op het altaar vonden.

De transsubstantie van brood en wijn in lichaam en bloed van Christus was hiermee bewezen. Paus Johannes XXIII erkende het wonder en legde in een bul vast dat mensen die de kerk bezochten en daarvoor offerden alvast op een stukje van de eeuwige zaligheid mochten rekenen. Toch liep het niet storm in Schraard, ook al deed een latere paus het nog eens over. En toen de Reformatie bezit van de kerk had genomen, raakte het verhaal van het wonder met de bloedende hostie bijna in de vergetelheid. Nu komt men hooguit nog voor de bankwangen naar Schraard, de prachtig besneden zijkanten van de eikenhouten banken: een kunstvorm die de Beeldenstorm heeft overleefd, maar nog steeds een mysterie is gebleven.