Historie Schettens - Longerhouw

deel 82: Schoolmeesters te Schettens, deel I


Door: Hartman Sannes (1890-1956)
Uit: Nieuwsblad van Friesland, voortgezet in 'Heerenveense Koerier'
1941-1948

Onderwijzer Sannes verzamelde bijna alle schoolmeesters van Friesland, van 1600 tot 1950. Zo kwam ook onze gemeente aan de beurt, waarin dus Schettens vermeld staat in aflevering 16. Aangezien het een lang artikel is, wordt het over drie histories verdeeld. Momenteel is De Fryske Akademy op projectbasis bezig om deze gehele verzameling (digitaal) toegankelijk te maken. 


De Schoolmeesters van Wonseradeel, in den loop der tijden

16. SCHETTENS en LONGERHOUW.

De 1 Februari 1606 en 11 Maart 1609 komt mr. Aucke Geertz. voor als schooldienaar te Schettens (Wonsdl. C.3 en 4). Ook 26 Maart 1613 en 10 december 1614 was hij hier nog in functie (Wons.dl. C.5 en 6); hij was tevens chirurchijn, dat wil in die tijden niets anders dan barbier die ook aan "masterijen" deed.

Ofschoon de kerkvoogdij-rekeningen van Schettens vanaf 1611 bewaard zijn gebleven 1) hebben we daaraan voor de eerste jaren weinig, daar ze tot 1636 slechts afrekeningen behelzen, geen specifieke posten. Toch blijkt er nog uit, dat het jaarlijks tractement 30 goudguldens (is 42 car.gl.) bedroeg. De 16 Nov. 1626 woonde Aucke Geertzen te Witmarsum (Wons.dl. C6), waarschijnlijk als chirurchijn, want als schoolmeester was hij er niet.

De 10 Sept. 1625 was mr. Piecke Sijbrensz., schooldienaar te Schettens; zijn vrouw heette Aaltie .....
Den 12 Maart 1627 nog: mr. Piecke (Wons. dl. C9). In het Kerkvoogdij-rekenboek vinden we een acte dd 31 Jan. 1634, luidende: Pico Sibrandi is sijn jaerlyx pensioen (is tractement) vergroot met 10 car.gl., sulx hij nu sal trecken in plaetse van 110 car.gl. 120 car.gl. op voorgaende termijnen ende noch van extraordinaris voorige diensten voor 4 jaeren eens 12 car.gl., daervan hij hiernae niet sal hebben wijders 't praetenderen (is eisen) ende 'bovendien geholden sijn de scholeclock en uyrwerk wel te bewaren, luidende op voorbedongen voet, ende sal mitsdien gehouden sijn bij extra-ordinaire vereisch van saecken te doen ende procuratien d' gemeente raeckende te schrieven, ende aen de gecommiteerden te verantwoorden, sonder hiernae eets daervan extra-ordinaris te genieten".
Daar het tractement in korte jaren van 42 tot 120 gld. steeg, mag men aannemen dat de kerkvoogdij de kosterielanden toen aan zich getrokken heeft en uit de opbrengst daarvan den schooldienaar een vast tractement gewaarborgd. Hij moest - klokluiden, het uurwerk verzorgen en dorprechtersdiensten verrichten. In Maart 1636 was sprake van "de vacante school."

In hetzelfde jaar 1636 nog was mr. Marten Jansz. (alias) Scholten schooldienaer tot Schettens; het tractement bleef steeds 120 car.gl. per jaar. In 1660 werd 't schoolmeestershuis vernieuwd; kosten ongeveer f 200 gl. Hieronder hebben we te verstaan: woning en schoolvertrek, toen en nog lang daarna steeds onder één dak. In Mei 1664 ontving mr. Marten nog 4,5 jaar tractement, in Juli 1664 zijn (niet genoemde) weduwe. In die tussentijd is hij dus overleden.

Zijn opvolger was mr. Lieuwe Beernts; Allerheiligen 1664 beurde hij zijn eerste kwartaal tractement: 30 gl.; hij was dus in Augustus in dienst getreden. Aan 3 personen wordt totaal 10 gl. 1 st. 3 penn. betaald "van oncosten over 't haalen en overvoeren van de nieuwe schoolmeester". Er staat niet bij waar zij hem vandaan haalden. Uit andere bronnen weten we echter, dat hij uit Hemelum kwam. In Mei 1671 ontving mr. Lieuwe 17 gl. 3 st. 10 penn. "van 't schoonmaken van de kerck". Hij ontving tractement tot Allerheiligen 1675 en is spoedig daarna overleden, want Allerh. 1676 ontving "Ane Himckes als man en vooghd over Siouck Lieuwes zijn huijsvrouw, mede-erfgenaem van wijlen Lieuwe Beernts, voor hem en d'andere erfgenamen 120 gl. wegens 1 jaar tractement van hun wl. vaders school en kerckedienst. De familie (mischien Ane Himckes wel) heeft blijkbaar dat jaar het schooltje waargenomen.

Begin 1677 kwam mr. Reijner Claassen hier als schoolmeester. Kerkvoogden hebben nu het tractement tot 100 gl. teruggebracht. De meester schijnt hiermee geen genoegen genomen te hebben; althans hij begon hiervoer een proces. Zijn vrouw was Auckjen Douwes (Lidm.boek). In Febr. 1685 vertrokken ze naar Franeker.
Den 2 April 1687 werd hem nog 125 gl. betaald wegens achterstallig tractement, "volgens accoord daarover gemaakt"; later nog 150 gulden (1688 e.v.3). De school bleef nu enige jaren vacant, wegens deze an andere schulden der kerk. Epe Dirx nam het voorzingen in de kerk waar, Jan Sjoerds de klok en het uurwerk, de schoolmeestershuizinge werd verhuurd, en enige stuivers op de floreen (een soort van grondbelasting) omgeslagen ter inhaling van den achterstand, wat dan ook weldra weer gelukte. In 1688 was een Sieberen Douwes Hoitinga dorprechter, en Meinderd Douwes Hoitinga ontvanger van Schettens (1715 nog; +1720); zij waren echter geen schoolmeester.

Eind 1689 kreeg Schettens echter weer een school- en kerkdienaar: Jan Martens Wallinga. Het tractement bedraagt nu slechts 20 a 25 gld., zodat we mogen aannemen, dat hij de kosterie-landen (waarvan de Kerk andere jaren zo'n 50 gld. trok) weer te zijnen profijte had. 
Van voorzingen bij de kerkdiensten te Longerhouw (welk dorp zelf geen schoolmeester had; dit blijkt b.v. uit een kerkv.rek. over  over 1685-1703 in Weesboek S92 van Wonseradeel), ontving de Schettenser meester jaarlijks 6 a 7 gld: verder verdiende hij nog iets aan kerkschoonmaken vervan aan de kerk, etc. Hij was diaken te Longerhouw. Omstreeks Maart 1693 is hij als schoolmeester naar Nijland vertrokken; merkwaardig dat hij zich daar weldra Jan Martens Reijtsma noemde. Toch vergat hij Schettens niet; in 1706 en 1713 leende hij geld aan de kerk alhier. 

Wordt vervolgd


André A. Buwalda
e-mail: fam.aabuwalda@home.nl
HOMEPAGE: http://historie.buwalda.nl (zonder www)