Historie Schettens - Longerhouw

deel 67: Artikel Jacob Hepkema, deel II


Uit: Historische wandelingen door Friesland
Schrijver: Jacob Hepkema
Geschreven tussen 1894 en 1919

Hier het vervolg op aflevering 48, waarin Longerhouw werd beschreven door Jacob Hepkema. Na Longerhouw bezocht hij dus Schettens dat 'gauw bekeken' was volgens hem. Hij vermeld in het artikel 16 ipv 6 zerken, maar dat moet een schrijffout geweest zijn. De kerk zag er van binnen en buiten pico-bello uit volgens Hepkema, wat misschien mede te verklaren valt dat weinig jaren ervoor, in 1891 het orgel was geplaatst.


Schettens

is spoedig bereikt en gauw bekeken. Het ligt aan de vaart naar Bolsward en aan den binnenweg naar Witmarsum. 't Is de weg door onzen Gysbert dikwijls betreden, als de kortste naar zijn geboortestad en de ouderlijke woning. De terp waarop Schettens verrees, is grooter en meer hellend, door afgraving mischien, dan die van Longerhou, de huizen staan er meer  verspreid, doch de bevolking in de kom zal weinig grooter zijn. Evenals te Longerhou ook hier de kerk met al wat er in was glimmend-glad pas geverfd en met orgel, ook de omroostering van 't kerkhof aldaar, walmuur met ijzeren hek en geen boomen of heg. 't Mat sahwet lyk op as twa út deselde pot tarre.
't Was er in orde en de kas zeker wel voorzien.
 

In de kerk

vonden we prachtig bewerkte zerken van dubbele grootte, diep en kunstig gebeiteld. Verre de waardigste bleek ons die, waarop o.m. te lezen stond: Anno 1623 den 7 Nov. stierf Jhr. Sibrand van Osinga, Grietman, Dijkgraaf en Ged. Staat van Friesland, out over 't sestigste jaer.
Anno 1619 16 Mai stierf Atke Sydsdr. van Aggema, out 46 jaren.

Een mannen- en vrouwenfiguur zijn bijna levensgroot en diep in of op den zwarten zerk uitgehouwen, hij gebaard als krijgsman met de hand aan 't rustend zwaard, korte broek, roset op den uitgesneden bewerkte schoenen, beide met gewerkte kragen als op Rembrandts schilderstukken, beide ook met rijk gebloemde kleeding, als door Gysbert beschreven. Zij heeft de handen gevouwen onder biddend opzien met het gelaat vol uitdrukking. Zijn hoofd draagt een zandloper met wieken aan en in de hand geeft het blad van een zeis te lezen: Aenziet den Tyt. Aan den voet der afbeeldingen een vierkant in lijst, waarop een versje van dezen inhoud:

De adellijke wapens zijn met zorg uitgekapt, blijkbaar uit respect voor de kunst. Op een tweede zerk ziet men trommen en strijdwapens als lanzen en pieken, vaandels, blazoenen en de namen van Schelte Vâ Aysma, overl. 1637 en Tjemck vâ Osinga, syn Huysfrou, out 60 jaer.
Zoo liggen er zestien kostbare zerken in 't breede gangpad, waaronder van 1589 en met de namen van Seerp vâ Osinga, overl. 1551 en tweede vrouw; van Jaucke vâ Osinga, grietman, en eerste vrouw; van Anna vâ Osinga, Gats vâ Osinga, Beets vâ Osinga, wed. vâ Sytte vâ Hania.
Op een dier steenen dit versje: Op Sibrand bovengenoemd, den zoon van Jancke en stichter van Osinga-state, slaat vermoedelijk de uitdrukking van Gysbert
Earen do us Grietman stoar en wat er verder volgt in diens eerste afzonderlijk uitgegeven en zeer verdienstelijk bruiloftsrijm.
In 1722 werd deze state bewoond door Hotze van Aysma. Een afbeelding dat jaar genomen, vindt men op het Prentenkabinet te Leeuwarden. Het beeldhouwwerk der state (jachttafreelen) is na de afbraak gemetseld in den muur der boerderij daar ter plaatse.
 
De toren

te Schettens draagt een scherpe spits en in den zijmuur der kerk geeft een steen te lezen:
Den 24 July 1865 de eerste steen aan deze kerk gelegd door Hendrik Tjeerds de Jong, als kerkvoogd: Tjeerd D. de Jong, Jan D. de Boer, Auke S. de Witte en als predikant D.J. Westerlee.
Schettens telde in 1811 107, in 1840 144 en in 1890 215 inwoners, medegerekend die der uitbuurten: Filens (waar Aylva-state stond, thans een boerderij van dien naam), Bittens, Sottrum, Bruindijk en Schettenserhof, thans een herbergje a/d. tramlijn, van weinig aanzien, doch met een groot hof naar de zij van het dorp.


André A. Buwalda
e-mail: fam.aabuwalda@home.nl
HOMEPAGE: www.andrebuwalda.nl