Historie Schettens - Longerhouw

deel 163: Schuldbekentenis uit 1608


In het kerkvoogdij boek van Schettens, waaruit ik wel vaker teksten heb overgenomen, staat bijna geheel voorin, een schuldbekentenis opgenomen uit 1608.
Dit is tot nu toe de oudste die in het archief aanwezig is, inmiddels al dik 400 jaar oud dus.

Het gaat hier om het echtpaar Thomas Cornelis en Holck Hamke, die woonden op de zogenaamde 'kleine kerkeplaats', die eigendom was van de kerk van Schettens. In totaal zat er 13 pondematen (zo'n 4 hectare) land bij, dus erg groot was het inderdaad niet. Het gaat hier om de boerderij, welke er nu als een woonhuis bij staat tussen de beide families Reitsma op Bruindijk.

Zij woonden hier in ieder geval al in 1605, het jaartal waarin de allereerste kerkvoogdijrekening begint. In die eerste rekening betaalt Thomas dan ook de huur die jaarlijks werd vastgesteld en tevens in 1606 en 1607 18 goudguldens was. Ook in de tweede rekening, betaalt hij keurig zijn 'lanthuire' over de jaren 1608-1610, dus in totaal 54 goudgulden. In de derde rekening was het al niet anders, ook daar werd de 54 goudgulden over de jaren 1611-1613 keurig verantwoord, echter daar staat ze als weduwe vermeld, dus is Thomas voor 1613 komen te overlijden. Hetzelfde verhaal geldt weer voor de rekening over 1614-1616, wederom 54 goudguldens.
Tevens is ze dus jaarlijks een rente verschuldigd van 3 goudguldens en twee stuivers.

In 1617  komt er een nieuwe pachter op de boerderij en het was toen gebruikelijk dat deze nieuwe pachter een geschenk gaf aan de kerk. Steffen Nannes wordt in ieder geval de opvolger en betaald 80 goudguldens aan de kerk. Onderaan de schuldovereenkomst staat vermeld dat de schuld verrekent is op 4 mei 1624, maar in 1617 wordt er al 23 goudgulden en 17 stuivers betaald 'in verminderinge van haer obligatie'. In 1618 staat vermeld 'in volle betalinge van gelden verschreven obligatie ontfanghen', waarschijnlijk wordt daarmee dezelfde obligatie bedoeld.

Deze obligatie stamt nog uit de periode dat in Friesland werd gerekend in zogenaamde goudguldens, dit was een gouden Florijn van 28 stuivers. De opvolger van deze muntsoort was de Caroli gulden, die vanaf de rekening van 1634 werd gebruikt en welke 20 stuivers waard was. De omrekensom was dan ook simpel: delen door 28 en de uitkomst maal 20.

Het echtpaar hypothekeerde al hun goederen 'gene uitgesondert' en werd alleen ondertekent door Thomas, omdat hij verklaarde dat zijn vrouw 'niet te kennen schrieven'.
Tenslotte staan er een paar latijnse teksten vermeld, zoals  'Sonat con tell et Auth Siqua mulien', die het geheel lastig leesbaar maken. Waarschijnlijk is deze obligatie dan ook niet door de kerkvoogd genoteerd, maar door de gemeentesecretaris 'G. Petrus', die vaker werd ingeschakeld voor dit soort klusjes.
Zijn echte naam was Gabbe Pieters (Eminga), maar zoals gebruikelijk bij mensen die studeerden in die tijd, verlatiniseerde hij zijn naam naar Gabenus Petri. Opvallend is dat hij zijn echte naam schreef in de akte, maar ondertekende met zijn latijnse naam. Ook de assistent van de secretaris, klerk Salimun Thoma, ondertekende tenslotte de akte.

Verdere gegevens van dit echtpaar heb ik nog niet kunnen vinden.

 

 

Thomas Cornelisz ende Holck Hamke den echteluijden wonende tot
Schettens doen condt lijen ende bekennen in een oprechten ende deuchdelijcken
schult schuldich te sijn Ede Sents als kerckvooghd vande dorpe Schettens voorsnoemd
ende ten profijte vande selven, d' somma van een ende vijftigh gouden guldens ende
seven stuijvers ijder gulden acht ende tuintich stuijvers doende in gelt gangbaer
paiement ter causa ende heercomende van gereede verschootene ende toege-
telde penninge bij ons ontfangen voort overleveren van dese brieve van
obligatie renunciere d'exeptie non numerata pecunia in voegen dat wij
niet sullen mogen seggen 's  voorschreven penningen niet ontfangen noch deeses op hoope
van tellinge gepasseerd te hebben welcke voorschreven penningen wij echteluijden
voorschreven t' samen ende elckx in solidum hebben geloofde ende aengenomen, geloven ende aennemen
bij deesen voorschreven een ende vijftich gouden guldens ende seven stuijvers vromelijcken we-
der op te brengen voldoen ende te betaelen den ersten maij anno sestien 
hondert ende negen met behoorlijcken intressen nae advenant d' hondert tot seven
te reckenen, stellen daerboven (: mitsgaeders voor alle costen schaden ende intressen
ingevalle van wanbetalen te doen hebben ende leijden :) ten onderpande ende in een
expresse hypoteike alle onse Roerende onroerende presente en toecomende goederen gene
wtgesondert Submitteren onse persoonen ende goederen deesen aengaende ten
lasten instantie onder den hove van Vrijslant Wonderadeel ende alle
andere gerechten, renuncieren alle rechten ende beneficien die ons contrary deesis
profijt mogen doen ende besondere d' beneficien van discussie ende diuijsie gunnen
ins deylinge des schults ende den eenen voor sijn quota voldoende te mogen
volstaen tot vollen discussie des anderen ende ick Holck renunciene mede
mijn vrouwelijcke privilegien namentlijcken Sonat con tell et Auth Siqua
mulien een vrou bevrijdende die voor en ander intercedeert
geloven ons daermede niet te behelpen noch laeten behelpen f lieft ons onse
eere sij in forma ende sonder argelist Oirconde hebbe ick
Thomas deesis voor mij ende Holck mijn huijsvrou (: die verclaert niet te
kennen schrieven :) ondergeteijckent ende hebben vorder gebeeden Gabbe Pijtters secretario
in Wonseradeel ende Salimun Thoma  sijn clercq om deeses voor ons
t' onderschrieven ende bevestigen 't  welck ter bede verschreven als gedaen is opten dartighsten
julij anno sestienhondert ende acht
 
Verreckent op den
4e Maij anno 1624
daermede dan gestreeken
 
Tomis Corsozn.
G. Petrus 1608 Not.Pub.  :7 :30
 
S. Thoma   1608


--> de fantastische handtekening van de secretaris Petri.


André A. Buwalda
e-mail: fam.aabuwalda@home.nl
HOMEPAGE: www.andrebuwalda.nl