Historie Schettens - Longerhouw

deel 112: 'Dankbaar gedenken' deel III


In 1985 verscheen een boekwerk over de Gereformeerde Kerk van Bolsward, genaamd 'Dankbaar gedenken'. In dit goed leesbare boek van de hand van dhr. K. Jongsma, is een apart hoofdstuk gewijd aan de Gereformeerde Kerk van Schettens-Longerhouw, welke een paar decennia lang een wijk was van Gereformeerd Bolsward. Waarschijnlijk zullen een flink aantal (oud-Gereformeerden?) inwoners van onze dorpen dit boek kennen en wellicht in de boekenkast hebben, toch volgt hier en in de volgende edities van Viadukt dit interessante artikel.


Hieronder volgen de notulen van de oprichtingsvergadering.

Vergadering van meerderjarige en tot het Heilig Avondmaal toegelaten manslidmaten der Nederlandse Hervormde Kerk, die met de diakenen der Nederlands Hervormde Kerk te Longerhouw en Schettens in de overtuiging staan, dat deze kerk, met terzijdestelling van de in 1816 haar opgelegde organisatie, en met aanvaarding van de oude, op Gods Woord gegronde Gereforrneerde Kerkenordening, behoort terug te keren tot de gehoorzaamheid aan hare Koning, gehouden op vrijdag 7 december 1888, des avonds ten 7 ure in de tirnmerschuur van L. Runia te Schettens.

Tegenwoordig zijn er negentien manslidmaten der Nederlandse Hervormde Kerk, met name: J.Y. Janzen, D. Scheepsma, P. Kurpershoek, G. Knorr, J. L. de Jong, G. de Vries, U.W. Haanstra, R.Tj. Reitsma, S.H. Robijn, D.S. Heinsma, B. de Witte, A.R. Bergsma, B. Feenstra, H. Canrinus, J.Y. Sijbrandij, P. van Abbema, H. Molenmaker, L. Runia en J. B. Janzen.

De vergadering wordt geleid door de Eerwaarde Heer T.D. Prins, V.D.M. te Wons. Zijne Eerwaarde opent de vergadering door het laten zingen van Ps. 119: 67, 68 en leest daarna Ps. 119: 129-152. Naar aanleiding van dat gedeelte van Gods Woord, houdt Zijne Eerwaarde een korte toespraak tot de samenvergaderden, waarin hij doet uitkomen dat David op ondubbelzinnige wijze betuigt de uitnemendheid, voortreffelijkheid en heerlijkheid van Gods geboden, getuigenissen en inzettingen, waaruit spreekt dat er een innige, kinderlijke vreze Gods in het hart van David leeft, waarom hij ook een vurige begeerte heeft om met vaste tred het pad van Gods geboden te bewandelen. David is bitter bedroefd, orndat zijn medestanders des Heren Woord vergeten, waardoor ze zichzelf op een weg stellen, die ten verderve voert, en waardoor ze zijn God, die hij zo innig liefheeft, onteren en beledigen. Waterbeken van tranen vlieten uit zijn ogen, omdat zij Gods geboden niet onderhouden. David weet zich in zichzelf zwak, vandaar dat hij openbaart een gevoel van afhankelijkheid van de Here, een behoefte aan de leiding des Geestes, van getrouwmakende genade.

Spreker betoogt verder, dat als het saamvergaderen aan deze plaats een bewijs van geesteseenheid is, dat er dan ook een innige liefde tot de Here in onze harten behoort te zijn, en een beminnen van Zijn geboden. Dan ook zij er oprechte droefenis over hetgeen in deze gemeente is gebeurd: toepassing kerkelijke censuur, in strijd met de

[FOTO, niet geplaatst]

1886 - 8 November - 1911

P. Kurpershoek bij gelegenheid van zijn zilveren jubileum als Hoofd der School op Gereformeerde grondslag te Schettens en Longerhouw.

Schrift, door medewerking van predikant en ouderling. Daden der ongerechtigheid! De Weg, waarop de organisatie van 1816 de kerk heeft geleid, wordt genoemd verkeerd. Spreker zegt: 'Het is een schuldige weg. De wil des Heren wordt verzaakt en miskend. De organisatie houdt niet weinigen van hen, die ook de Here willen dienen, bevangen, verstrikt. En dat men onder tegenstanders aantreft, die men voor broederen houdt, zij te meer de oorzaak va droefheid, zodat ook wel waterbeken van tranen uit onze ogen mogen vlieten. En voorts, men zij vooral op zijn hoede om niet bitter en hard jegens hen te zijn en de bede leven in het hart: Verlos ook hen Heren, en ziende op onszelf, de belijdenis: Wij liggen in onze schaamte en deze overdekt ons, want wij hebben tegen de Here onze God gezondigd, wij en onze vaderen, van onze jeugd aan tot op deze dag.'

De praeses gaat voor in gebed. Daarna verzoekt hij de vergadering een paar ouderlingen te benoemen, opdat de kerkeraad voltallig worde, en de gemeente in hare regering worde gehouden bij Gods Woord. Voordat tot stemming wordt overgegaan stelt hij de vraag, of aan Jan B. Janzen, die te goeder trouw verzuimd heeft zijn attestatie van Idsegahuizen op te vragen, evenwel in bezit gesteld van een bewijs van lidmaat der Nederlandse Hervormde Kerk, stemrecht zal worden toegekend. Hierover wordt geen discussie gevoerd en zonder hoofdelijke stemming wordt met algemene stemmen besloten: aan Jan B. Janzen stembevoegdheid toe te kennen. De betrokkene tekent alsnog de presentielijst. Aan de stemming wordt deelgenomen door al de aanwezigen volgens de presentielijst. Bij eerste stemming wordt gekozen A. Bergsma tot ouderling en bij tweede stemming J.W. de Boer, P. Kurpershoek sluit met dankzegging.

Tweede gemeente-avond op zondag 23 december 1888, des namiddags na de bediening. Broeder J.W. de Boer heeft bezwaren betreffende de opgelegde dienst van ouderling. Na enige bespreking wordt besloten hieraan te voldoen. Er volgt nu weer een stemming voor ouderling. Als zodanig wordt gekozen broeder P. Kurpershoek.

Op 7 januari 1889 's avonds 61/2 uur wordt er ten huize van Jaan Y. Janzen weer een vergadering gehouden als kerkeraad van de Nederduitse Gereforrneerde Kerk te Schettens en Longerhouw. De consulent Ds. T. D. Prins heeft de leiding der vergadering. Hierop komt een voorstel van de voorzitter, dat de raad der kerk overeenkomstig de roeping in gehoorzaamheid aan de Koning der Kerk, die hem tot de regering der kerk riep, het volgende besluit neme: De kerkeraad der Nederduitse Gereforrneerde Kerk te Schettens en Longerhouw heden wettig vergaderd, besluit onder biddend opzien tot de Here, krachtens hetzelfde recht, waarmee in de 16e eeuw de P'auselijke hierarchie werd afgeworpen, thans de synodale hierarchie af te werpen en diensvolgens voor heel de gerneente te Schettens en Longerhouw de synodale organisatie af te schaffen en alle daarop gegeven bepalingen voor vervallen te verklaren. Zonder discussie wordt dit voorstel met algernene stemmen aangenomen.

Hierin komt het volgende voorstel van de voorzitter:

1. De kerkenorderning, gelijk werd vastgesteld door de Nationale Synode te Dordrecht in den jare 1619, behoudens een wijziging die daarin is ontstaan door de veranderde staatkundige toestand, te aanvaarden en in re voeren voor de kerk alhier.

2. Van een en ander kennis te geven: 
a. aan Zijne Majesteit den Koning 
b. aan H. H. Kerkvoogden te Schettens en Longerhouw het volgende schrijven: `Aan H.H. Kerkvoogden der Hervorrnde Gerneente te Schettens en te Longerhouw: Opzieners en Armverzorgers van de Gemeente onzes Heren Jezus Christus te Schettens en Longerhouw, hebben de eer bij dezen ter kennisse van H.H. Kerkvoogden te brengen, dat zij in hunne vergadering van 7 januari 1889, ziende welk gevaar een langer verblijven onder de Synodale Hierarchie voor de welstand onzer kerk opleveren, besloten hebben om aan de Kerkorde, die 1816 door de toenmalige regering was ingevoerd, voortaan voor onze Kerk alle kracht en geldigheid te ontnemen en alsnu tot geldigheid te laten komen de Kerkenorde van Dordrecht; voorts dat zij hen uitnodigen, mededeling van dit gewichtige besluit aan H.H. Kerkvoogden te doen;
en eindelijk dat zij H.H. Kerkvoogden uitnodigen wel zorg te willen dragen, dat de goederen onder hun beheer niet aan hun bestemming wordt onttrokken, maar ten dienste van de Gemeente worden aangewend.

Uit naam en op last van de Kerkeraad voornoemd,

(w. g. ) P. Kurpershoek, praeses 
            D. Scheepsma, scriba 
Schettens, 7 januari 1889.
Longerhouw.

3. Aan de Burgemeester van Wonseradeel.

4. Van de afwerping van het synodale juk officieel bericht te doen aan de bladen ten dienste van de Nederduitse Gereformeerde Kerk `De Heraut' en 'Friesche Kerkbode'.

5. Met de aanvaarrding; en invoering van de Gereformeerde Kerkenordening van 1619 aan te nernen de oude historische naam van Nederduitse Gereformeerde Kerk te Schettens en Longerhouw. 

Tot voorzitter wordt benoernd ouderling P. Kurpershoek en tot scriba D. Scheepsma. De voorzitter stelt voor zich per circulaire, waarin de beginselen der Reformatie worden uiteengezet, te wenden tot alle leden der gemeente, zowel hen, die niet, als hen die wel met de reformatie der kerk meegaan. De voorzitter legt hierbij over een circulaire, die indertijd door de kerkeraad van Witmarsum aan de leden aldaar is gezonden.

Orn een aanvang te kunnen maken met de werkzaamhcden die zijn verbonden aan de beroeping van een dienaar des Woords, zal de  kerkeraad meewerken aan de oprichting van een vereniging van `de Kerkelijke Kas' voor het bouwen van een nieuwe pastorie.

Aan Zijne Majesteit de Koning zal rechtspersoonlijkheid worden aangevraagd

                                                            'wordt vervolgd'


André A. Buwalda
e-mail: fam.aabuwalda@home.nl
HOMEPAGE: http://historie.buwalda.nl (zonder www)