Het kerkorgel van Schettens uit 1891

In Schettens beschikken we over een bijzonder orgel. Een orgel van Van Oeckelen. In onze provincie lang niet zo bekend als bijvoorbeel een Van Dam orgel. Toch behoort oprichter Petrus van Oeckelen tot de grootste orgelbouwers van de 19e eeuw, zowel kwalitatief als kwantitatief. In totaal 3 generaties hebben het vak van orgelbouwer gebezigd. Cornelis van Oeckelen, geboren in 1762 was reeds 'mr. horlogemaker en orgelbouwer' in Breda, waar hij zijn zoon Petrus het vak heeft geleerd. Die verhuisde echter in 1810 naar Groningen, waar de basis ligt voor het grote succes. In 1819 maakte hij zijn debuut met zijn eerste zelfstandig gemaakte orgel voor de Herv. kerk van Assen. Hierna rees zijn ster snel en volgden vele opdrachten, voornamelijk in de provincie Groningen.  In Friesland staan zover bij mij bekend orgels in de kerken van Akkrum, Harlingen, Beetgum, Wirdum en Oenkerk en dus Schettens.  Petrus trouwde in 1825 met Joanna Auwerda en samen kregen ze 6 kinderen, waarvan 3 zonen in de zaak hebben gewerkt. Na de dood van Petrus in 1878, zetten de beide zonen Cornelis en Antonius van Oeckelen de zaak verder onder de naam Petrus van Oeckelen en zonen. Onder hun bewind is dus het Schettenser orgel gemaakt. Hoe de kerkeraad van Schettens tot de keuze voor deze bouwers kwam is verder niet bekend.

Het nadeel van orgels is dat men al heel snel overgaat in vaktermen, wat voor een leek niet altijd begrijpbaar is. Zo heeft de bekende orgel-kenner Jan Jongepier in 2000 een uitgebreid restauratie-rapport geschreven over het orgel en zijn toestand. Hierin komen vele begrippen en vaktaal naar voren, zoals dispositie, klaviatuur, register, schepbalgen, manuaalwerken, tremulant, stokbreedte, klavierstoters, etc. Een orgelcursus is nodig om dit allemaal te snappen. In ieder geval schijnt de dispositie voor orgelkenners het uitgangspunt te zijn, omdat iemand dat onlangs per mail vroeg aan mij. Deze is als volgt:

Bovenwerk: (C-f3)
Prestant  8vt
Bourdon  16vt
Holpijp  8vt
Octaaf  4vt
Quint  3vt
"Mixtuur   3"
Octaaf  2vt
Trompet B/D  8vt
 

Nevenwerk: (C-f3)
Prestant  8vt
Roerfluit  8vt
Salicionaal  8vt
Viola di Gamba  8vt
Flute harmonique  4vt
Gemshoorn  4vt

Pedaal, C-d'
Subbas  16vt

De orgels van Van Oeckelen staan momenteel zeer goed bekend om hun klank. Zo was de 'Flute harmonique' hun echte specialiteit en diende deze van Schettens zelfs als voorbeeld bij de restauratie van het bekendste orgel die deze familie maakte, die in de Lutherse Kerk te Groningen, gemaakt in 1896. Het Schettenser orgel in, gelukkig, nog bijna volledig in authentieke staat, zo ook de klank dus. Alleen de orgelkleur was oorspronkelijk zwart, dus die is later gewijzigd.

In 1964 is de elektrische orgeltrap aangelegd en hoefde er dit dus niet meer met de hand te worden gedaan (pustertraper).

Uitgaven

1891 Betaald aan K. Roedema, wegens aannemingssom: Orgelzolder, enz. met eenig bijwerk 448,54
1891 Betaald aan D. Duvenhorst, wegens aangenomen stucadoorswerk 180,--
1891 Betaald aan P. Van Oeckelen en Zn. wegens het maken en leveren van een nieuw kerkorgel, als eerste deel der aannemingssom 3420,--
1891 Betaald aan H.J. de Vries, wegens opzicht van het nieuwe Kerkorgel, orgelinwijding, advies, examinatie, enz. enz.  100,--
1891 Betaald aan J. van Reenen, wegens salaris als architect bij de uitvoering van verschillende werken aan de kerk 60,--

Op de binnenkant van een deurtje aan de achterkant staan heel wat namen gekrast, geschreven. Hieronder een opsomming (niet volledig)