Memoriebord deel II


In deel 1 van deze reeks, werd het memoriebord te Longerhouw behandeld. Dit prachtige bord, dat nu met de 10 geboden aan de voorkant, zou gemaakt zijn ter gelegenheid van de grote verbouw van de Longerhouwster kerk in 1757.

Echter de historie laat zich soms maar moeilijk ontrafelen en geeft zo af en toe wat prijs. Zo vond ik pas onlangs de kerkeboeken van Schettens in het gemeentearchief van Wonseradeel. Deze bevonden zich niet bij het overige kerkarchief, maar op een andere plaats, waarschijnlijk omdat deze zich hier al langer bevonden. Een van deze boeken behandelde de jaren 1715-1774. Op ongeveer het midden behandeld een apart hoofdstuk de verbouw van de Schettenser kerk.

'Uit Gaaf wegens t Verbouwen van de Kerk te Schettens  1756'

Op 11 pagina's worden vele posten vermeld met een eindtotaal van 2020 caroli guldens. Om dit te bekostigen moest er geld op het kleed komen, want de kerk bezat weinig contanten.

Op 27 april 1757 leent Willem Dirks Veersma 1000 c.g. tegen 3 procent rente per jaar. Een jaar later, op 6 augustus 1758 leent dezelfde nogmaals 500 c.g. 'tot op bou van de Kerk', tegen dezelfde rente.

Daarnaast wordt op een vergadering van floreenplichtigen besloten om een 'omslag' te gaan heffen op iedere floreen belasting in het dorp Schettens. Dit betekende dat iedereen die land had (dus meestal boer was), extra belasting ging betalen die geind werd door de ontvanger van Schettens, Sjoerd Sijbrens de Witte. In de floreenkohieren staan alle florenen vermeld wat een stuk land aan jaarhuur waard was ten tijde van het opstellen van de 'registers van de aanbreng' in 1511, met in totaal 335 florenen voor Schettens. De omslag werd bepaald op 12 stuivers per floreen, wat dus een extra inkomstenbron betekende van 201 caroli guldens (van 20 stuivers elk)

Deze post komt ieder jaar weer voor op de lijst van inkomsten en duurt voort t/m 1774, dus 18 jaren.

DE TOREN

op de 'rekeninge' van 26 september 1747 wordt  het volgende vermeld:

...voorders is gebeleeken dat weegens gedaane Reeperatie Aen de kerk en toorn in dit na jaar swaare kosten sijn gevallen die door de niuwe kerkvoogden sullen moeten worden betaald. En daer toe niets bi de beurs sijnde so worden de selve bi deesen van de gesamenltlijke Comperanten als Meede geintrisseerde versogt en gevolmagt om de daer toe verEiste pingen op de minste vermalijke intres ten laste van deesen dorpe te Neegabeeren en daar af Oblijgaten te passeeren......

Dit gebeurt dan ook meteen, want de eerste inkomsten post die de administrerende kerkvoogd Seerp Stevens Swerms op 14 december 1747 vermeld, is een lening tegen 3 procent rente van 500 c.g. 'tot betaling van Materialen en arbeijdts lonen van vermaken van de toren te Schettens'.

Hierna volgt al gauw de tweede ontvangst:
'Op intres ontfangen van mijn Confrator Tialling Jarigs negen hondert negen ent negentig gulden tegens drie persent , tot betaling van Materialen en arbeijdts lonen van t vermaken en reparen van Kerk en toren sampt husingen de kerk toebehorende, dus ontfangen 999,-'

DATUM OMSCHRIJVING car.guld/stuivers/penn.
     
21 dec. 1747 Betaald aan de vroedsman Andries Idsinga voor Leijdekken gedaan in de jaren 1744,1745, 1746 240:1:0
idem Aan Andries Idsinge betaald voor Leijdekken in de jaare 1747 gedaan 83:0:0
22 dec. 1747 Betaald aan Douwe Sijberens voor arbeijdsloon van metselen en timmeren 55:11:0
8 mei 1748 Betaald aan Nolle Jelles voor geleverde kalk 129:15:0
14 mei 1748 Betaald aan Fedde Heslinga voor gelevert hout 165:17:0
idem Betaald aan de vroetsman Douwe Faber voor gelevert Iser werk 76:9:0
25 mei 1748 Betaald aan de steen Houwer Storm te Liuwaarden, voor gelevert hardt steen 32:17:0
31 mei 1748 Aan S.S. Swerms betaald voor geleverde steen en onkosten  253:3:0
1 juni 1748 Betaald aan Gorrijt Geerlofs voor schoon maken van oude steen 4:5:0
4 juni 1748 Betaald aan de Wedue I. Tiggelaar voor geleverde sement 108:0:0
5 juni 1748 Betaald aan Sietse van Hettinga voor ferven en glasemaken 5:16:0
idem Aen een Witmaarsummer schipper betaald voor brengen van Iser en lood 0:3:0
18 okt. 1748 Betaald aan Freerk Sipkes voor opperen aen de kerk en ringmuir  9:2:0
25 okt. 1748 Betaald aan Douwe Douwes Mr. Timmerman, sijnde arbeijdts loon aen de toren en ringmuur 58:16:0
18 januari 1749 Betaald aan de vroetsman Douwe Faber  voor gelevert iser werk tot kerk en toren 9:16:0
16 febr. 1750 Betaald aan Jacob Steffens Mr. Uurwerk maker voor schoonmaken en repareren vant Uirwerk in de toren 15:1:0
     
     

 

Op de 'rekeninge' van 11 september 1752 het volgende vermeld:

..Zijnde wijders beslooten dat de reparatie van de kerk zal worden uijtgestelt tot het voorjaar aanstaande, als wanneer de kerkvoogden worden versogt, om het gebrek van dien, door drie timmerluyden van jaar en bevinding te laten ondersoeken, en sulks in geschrifte te doen stellen, beneffens der selver consideratien om sulks op 't beste en minst kostbare wijse te repareren, en daar van aan de Ingesetenen op een nader bepaalde dat, rapport te doen, ten eijnde dien aangaande  als dan te resolveren en te concluderen, soo als wel voegelijkst verstaan zal worden te behooren waar op desen is vertekent alles ten overstaan van de mederegter H. Wiarda als gelastigde van de Hoog Welgb: heer Officier, gevoegt met de secretaris A. Castel. Actum den 11 Septemb: 1752


André A. Buwalda
e-mail: fam.aabuwalda@home.nl
HOMEPAGE: www.andrebuwalda.nl